Bewering onder de loepe:

Doc S12/04/17

Onze conclusie

NIET RELEVANT,  een overbodige bewering

Voedingssupplementen die legaal op de markt zijn in België zijn per definitie absoluut veilig en hun neveneffecten zijn ongevaarlijk.

Uiteraard kunnen supplementen, net zoals ieder voedingsmiddel, bij bepaalde mensen aanleiding geven tot allergische reacties. Om dit risico tot een minimum te reduceren staan er duidelijke aanduidingen en verwittigingen op de verpakking.

Voedingssupplementen worden geformuleerd vanuit het principe dat ze absoluut veilig moeten zijn. Dit is een ander uitgangspunt dan bij geneesmiddelen, waarbij neveneffecten afgewogen worden tegen gezondheidsvoordelen.

De wetgever zal hierin ook bijdragen door aangepaste, strenge reglementering op maximale gehaltes van vitaminen of mineralen, toegelaten plantenbereidingen of beperkingen op nieuwe voedingsmiddelen. Ook de additieven die mogen gebruikt worden zijn strak afgelijnd. Een deel van de wetgeving wordt op Europees vlak geformuleerd (cf. EFSA), voor andere domeinen worden nationale limieten opgelegd, gebaseerd op opinies van expertencomités. Steeds volgens het principe: safety first!

Acute intoxicatie met voedingssupplementen is uiterst zeldzaam (cf. rapportering antigifcentrum), zelfs bij inname van een veelvoud van de voorgestelde dagdosering.

Uiteraard is het wel zo dat voedingssupplementen, net zoals ieder voedingsmiddel of chemische stof, bij bepaalde mensen aanleiding kunnen geven tot allergische reacties of intoleranties. Zo zijn er de bekende allergenen zoals soja of melk, maar er zijn ook minder courante allergieën, denk maar aan allergie aan bepaalde bewaarmiddelen (bv. benzoaten) of aan plantenbereidingen zoals erwtenproteines… Een duidelijke etikettering, zoals verplicht volgens  de “food information to consumers regulation” (VERORDENING (EU) Nr. 1169/2011) kan hier veel bijdragen. Het is overigens van groot belang dat zowel patiënten als voorschrijvers zich houden aan de voorgestelde doseringen zoals vermeld op de verpakking.

Iedere onderneming moet tevens in het kader van zijn kwaliteitssysteem klachten registreren. Dit zal helpen om zeldzame en minder zeldzame neveneffecten of gevoeligheden beter in kaart te brengen. Ook zeldzame interacties met geneesmiddelen kunnen daarin gerapporteerd worden (cf. BCFI lijsten). Be-sup adviseert zijn leden dan ook om alle gerapporteerde klachten rond gezondheidseffecten, nevenwerkingen of ongewenste effecten zeer grondig te evalueren. In sommige landen bestaat er ook een meldingssysteem voor nevenwerkingen. Een erg ontwikkeld systeem bestaat er in Frankrijk (ANSES –Nutrivigilance) en in de VS (FDA “dietary supplements – adverse event reporting).

Ook in België bestaat een ‘Meldpunt’ en ‘Meldingsplicht’ voor mogelijke gevaren voor de gezondheid: KB 12/12/2003 art 8 bepaalt: “Elke exploitant stelt het Agentschap onverwijld in kennis als hij van mening is of redenen heeft om aan te nemen dat een door hem ingevoerd, geproduceerd, gekweekt, geteeld, verwerkt, vervaardigd of gedistribueerd product schadelijk kan zijn voor de gezondheid van mens, dier of plant”. In deze tekst is ‘Agentschap’ het FAVV (www.favv.be).

In elk geval valt op bij analyse van de neergelegde klachten in die landen dat er eigenlijk zeer weinig klachten zijn (in verhouding met de totale consumptie) en dat de klachten zelden of nooit levensbedreigend zijn.